Democratische Republiek Congo: mensenrechtenactivisten geviseerd

Democratische Republiek Congo: mensenrechtenactivisten geviseerd

Floribert Chebeya
Pascal Kabungulu

Vandaag, 30 juni, viert Congo vijftig jaar onafhankelijkheid terwijl mensenrechtenactivisten in het land hun werk steeds vaker met de dood moeten bekopen.

De festiviteiten in DRC komen slechts enkele dagen na de begrafenis van Floribert Chebeya Bahizire, een van de meest prominente mensenrechtenactivisten in het land. Een dag nadat hij ontboden was op het politiebureau in Kinshasa werd zijn levenloze lichaam gevonden.

"Het aantal doodsbedreigingen tegen mensenrechtenactivisten en journalisten in de DRC stijgt aan een alarmerende snelheid," zegt Veronique Aubert, adjunct-directeur van Amnesty's Afrika Programma. "Net die stemmen die moeten worden gehoord, worden het vaakst in de kiem gesmoord. Het is een schande."

Moord Chebeya triest hoogtepunt

Floribert Chebeya was directeur van een van de grootste mensenrechtenorganisaties in de Democratische Republiek Congo, Voix des Sans Voix (VSV). Net voor zijn dood was hij bezig met een aantal gevoelige zaken waarbij het hoofd van politie, generaal John Numbi, betrokken was. In de ochtend van 2 juni werd Floribert's lichaam in zijn auto gevonden. Chebeya vertelde Amnesty International meermaals dat hij het gevoel had dat de veiligheidsdiensten hem in de gaten hielden.

Floribert Chebeya's begrafenis vond plaats op 26 juni, de internationale dag voor de slachtoffers van foltering. Dat was de wens van zijn familie die geloven dat Floribert stierf als gevolg van foltering.

De herdenkingsvieringen voor 50 jaar onafhankelijkheid van Congo worden geleid door president Joseph Kabila. Tal van hooggeplaatste personen, zoals VN-secretaris-generaal Ban Ki Moon, wonen de festiviteiten bij.
 
Amnesty International riep de Congolese regering reeds op een onafhankelijk onderzoek naar de dood van Floribert Chebeya in te stellen en de chauffeur van Floribert, die nog steeds vermist is, op te sporen. Tot nu toe negeerden de Congolese autoriteiten onze oproepen.

Mensenrechtenverdedigers onder vuur

In het afgelopen jaar nam de onderdrukking van mensenrechtenactivisten in de Democratische Republiek Congo dramatisch toe, onder meer door illegale arrestaties, vervolging en telefonische bedreigingen.

Twee activisten werden vervolgd in augustus en september, respectievelijk nadat hun organisaties kritische rapporten over de autoriteiten gepubliceerd hadden. Heel wat andere activisten zijn willekeurig gearresteerd en mishandeld in de gevangenis. 

Volgende maand 'vieren' we de vijfde verjaardag van het overlijden van Pascal Kabungulu, een andere vooraanstaande mensenrechtenactivist. Hij werd in juli 2005 vermoord door een groep gewapende mannen. Die braken in in zijn huis, sleurden hem uit zijn slaapkamer en schoten hem dood voor de ogen van zijn familie.

Het proces tegen de mannen die van de moord beschuldigd worden, zit bijna vijf jaar in het slop. De mannen, waaronder soldaten en hoge militaire en politieke figuren, zijn nog op vrije voeten ondanks de belofte van president Joseph Kabila dat recht zou geschieden.

Hypocriete feesten

"De herdenkingsvieringen voor 50 jaar onafhankelijkheid van Congo zijn ronduit hypocriet zonder erkenning van de erbarmelijke toestand van de mensenrechten in het hedendaagse Congo", zegt Veronique Aubert. "De Congolese bevolking staat met de rug tegen de muur, gevangen tussen een onbevredigende vrede enerzijds en de dreiging van verdere crisis anderzijds."

"Tot de Congolese regering het belang van de mensen op de eerste plaats zet, zal veiligheid en respect voor de mensenrechten een verre droom blijven."

Er zijn ongeveer twee miljoen mensen ontheemd in Congo. Ze zijn op de vlucht voor de voortdurende gevechten tussen het leger en gewapende groeperingen. Onwettige moordpartijen, folteringen en verkrachtingen blijven schering en inslag in het oostelijke deel van het land.

MONUC, de grootste VN-vredesmissie in de wereld met 20.500 medewerkers, blijft de enige kracht in de DRC die de burgerbevolking een zekere mate van bescherming kan bieden. De Congolese regering heeft herhaaldelijk opgeroepen tot de terugtrekking van de MONUC. Amnesty International vreest dat een terugtrekking zal leiden tot verdere verslechtering van de mensenrechtensituatie in het land.