DRC: massale verkrachtingen wijzen op gebrekkige bescherming en justitie
Amnesty International reageert met afschuw op de recente berichten van massale verkrachtingen en andere daden van seksueel geweld die tussen 30 juli en 2 augustus plaatsvonden in Walikale (Noord-Kivu).
Volgens de Verenigde Naties werden meer dan 150 burgers in 13 dorpen verkracht door leden van gewapende groepen, waaronder de ‘Democratic Liberation Forces of Rwanda’ (FDLR). Volgens verschillende bronnen waren de verkrachtingen georganiseerd en systematisch.
Amnesty International roept de regering van de Democratische Republiek Congo (DRC) en de Verenigde Naties op om er alles aan te doen om de overlevenden, getuigen en hun omgeving onmiddellijk de nodige medische en psychologische ondersteuning te bieden. Bewijsstukken, waaronder getuigenissen, moeten worden verzameld om de vervolging van de daders mogelijk te maken.
De aanvallen vonden plaats enkele weken nadat de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties een nieuw mandaat goedkeurde voor haar Missie in de DRC om de regering te ondersteunen bij de bescherming van haar burgers tegen schendingen van het internationaal humanitair recht en schendingen van de mensenrechten, waaronder elke vorm van seksueel geweld. Daarbij werd benadrukt dat de bescherming van burgers voorrang moet krijgen op alle andere taken die werden toevertrouwd aan de Missie.
Onderzoek nodig
Seksueel geweld, en geweld op basis van geslacht, is wijdverspreid in het oosten van de DRC. Alle partijen in het conflict, waaronder de regeringstroepen die worden ondersteund door de Verenigde Naties, maken er zich schuldig aan. Amnesty International meent dat het falen van de regering en de Verenigde Naties bij het verlenen van bescherming aan burgers onmiddellijk moet worden onderzocht. Dit is noodzakelijk om de gruweldaden die werden aangericht aan te pakken en ervoor te zorgen dat dit geweld zich niet kan herhalen in de toekomst.
Amnesty International vraagt ook gerechtigheid voor de overlevenden en volledige vergoedingen voor het doorstane leed. Het zwakke nationale rechtssysteem vereist dringende maatregelen om de capaciteit te versterken op bijna elk niveau. Er moeten in het bijzonder dringende inspanningen worden geleverd om de nationale instanties op te leiden in het voeren van een gericht onderzoek en de vervolging van daden van seksueel geweld. De obstakels voor overlevenden in hun streven naar gerechtigheid moeten verdwijnen.
Het herstel van de rechtsstaat moet worden beschouwd als een essentieel onderdeel van de bescherming van de bevolking op lange termijn. In tussentijd moeten nationale en internationale oplossingen worden gevonden om een einde te maken aan de cultuur van straffeloosheid die personen toelaat om misdaden te plannen en te begaan in de wetenschap dat ze nooit ter verantwoording zullen worden geroepen.
Achtergrond
Op 25 augustus werd Margot Wallström, de Bijzondere Vertegenwoordiger voor Seksueel Geweld in Conflictgebieden, aangesteld om namens de VN een reactie voor te bereiden op de incidenten. Bij de gesprekken met de regering van de DRC zal aandacht worden geschonken aan het verzoek van de Veiligheidsraad (Resolutie 1888 (2009)) dat stelt dat de Secretaris-Generaal van de VN ‘spoedig een groep van experten zal aanstellen met betrekking tot seksueel geweld in conflictsituaties… met de toestemming van de plaatselijke regering, om de nationale overheden bij te staan in het versterken van de rechtsstaat’. Tot op heden werd deze groep van experten nog niet aangesteld.
Men verwacht dat de VN Veiligheidsraad in november 2010 ontwikkelingen met betrekking tot de “Bescherming van Burgers” zal bespreken naar aanleiding van de tiende verjaardag van Resolutie 1325 over “Vrouwen, Vrede en Veiligheid” eind oktober.
De VN Veiligheidsraad nam in mei 2010 Resolutie 1925 (2010) aan, waarbij de ‘United Nations Organisation Stabilization Mission in the Democratic Republic of the Congo’ (MONUSCO) werd aangesteld tot 30 juni 2011.









