Executies in Japan grote stap terug
Het besluit van Japan om drie gevangenen op te hangen na bijna twee jaar zonder uitvoering van executies is een enorme stap terug. De beslissing brengt Japan terug in het rijtje van landen die de doodstraf nog uitvoeren.
Minister van Justitie Toshio Ogawa had toestemming gegeven voor het voltrekken van de doodvonnissen in de gevangenis van Tokio, Hiroshima en Fukuoka. Hij legde zijn besliising uit als "zijn plicht als minister".
Terdoodveroordeelden in Japan worden opgehangen. De executie wordt meestal in het geheim uitgevoerd en gevangenen krijgen meestal pas zeer kort vantevoren te horen dat ze worden geëxecuteerd.
"Om het schenden van mensenrechten te rechtvaardigen als "mijn plicht als minister" is onacceptabel. Het is eerder de verantwoordelijkheid van de leiders om de criminaliteit aan te pakken, zonder toevlucht te nemen tot deze ultieme wrede, onmenselijke en vernederende straf", aldus Catherine Baber, hoofd van het Asia-Pacific programma van Amnesty International.
Psychische aandoening
Tomoyuki Furusawa, 46, werd in de gevangenis in Tokio opgehangen, Yasuaki Uwabe, 48 in Hiroshima en Yasutoshi Matsuda, 44 in Fukuoka. Volgens de advocaten leed hun client Uwabe aan een psychische aandoening. Desondanks achtte de rechtbank het toelaatbaar om hem te berechten.
In het rapport met internationale doodstrafcijfers over 2011, dat Amnesty net publiceerde, wordt Japan nog in positieve zin genoemd. Sinds juli 2010 had het geen executies meer uitgevoerd.
Amnesty roept Japan op om zich aan te sluiten bij ruim tweederde van de wereld die de doodstraf hebben afgeschaft bij wet en in de praktijk en om een moratorium op executies af te kondigen als eerste stap naar afschaffing.
Amnesty beschouwt de doodstraf als een onmenselijke straf en zet zich in voor de wereldwijde onvoorwaardelijke afschaffing van die straf.

