Hamas moet aanvallen op Israëlische burgers voorkomen
Amnesty International veroordeelt streng de twee aanvallen, waarvan één dodelijk, op Israëlische burgers in de Westelijke Jordaanoever afgelopen week en roept de 13 gewapende groepen die dreigden met verder geweld om hiervan af te zien.
In een brief aan de eerste minister van de de-facto administratie in Gaza, Isma'il Haniyeh, heeft Amnesty haar bezorgdheid uitgedrukt over de betrokkenheid van de gewapende tak van Hamas bij de aanvallen, de Izz al-Din al-Qassam Brigades en riep Hamas op onmiddellijk maatregelen te treffen om verdere aanvallen op burgers te voorkomen.
Amnesty drukte ernstige bezorgdheid uit over een bericht van de 13 gewapende groepen, waaronder de Izz al-Din al-Qassam Brigades, dat er meer aanvallen op burgers gepland zijn, als antwoord op de nieuwe vredesonderhandelingen tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit.
Op 31 augustus werden vier Israëlische burgers, waaronder een zwangere vrouw, in de buurt van de nederzetting Kityat Arba doodgeschoten nadat hun wagen in een hinderlaag reed. Bij een andere aanval rond de nederzetting Kochav Hashachar raakten twee Israëlische burgers gewond. In beide gevallen eisten de al-Qassam Brigades de volle verantwoordelijkheid van deze aanslagen op. Politieke leiders van Hamas zoals minister van buitenlandse zaken Mahmoud Zahar en zijn woordvoerder Sami Abu Zuhri deden de afgelopen dagen uitspraken waarin ze dergelijke aanvallen lijken goed te praten.
Amnesty International veroordeelt alle aanvallen die burgers viseren, ongeacht wanneer, waar en door wie deze worden uitgevoerd. De daders moeten volgens Amnesty verantwoording afleggen voor hun daden. Dergelijke aanvallen zijn volledig illegaal volgens het internationaal recht, ongeacht de acties van andere partijen. Het verbod om moedwillig burgerslachtoffers te maken geldt altijd en overal, ook voor een volk onder bezetting dat een gewapende strijd voert voor haar zelfbeschikkingsrecht.
Amnesty International heeft de bouw van Israëlische nederzettingen in de Bezette Palestijnse Gebieden herhaaldelijk veroordeeld als een schending van de Vierde Conventie van Genève. De illegale status van de nederzettingen verandert echter niets aan de status van de kolonisten als Israëlische burgers. Zij verliezen slechts hun wettelijke bescherming indien zij rechtsreeks deelnemen aan vijandigheden.
Amnesty Internationaal is ook bezorgd om de berichten over 350 personen die in de nasleep van de aanslagen werden gearresteerd door de veiligheidsdiensten van de Palestijnse Autoriteit (PA). Velen onder hen zouden zonder arrestatiebevel en arbitrair zijn opgepakt. De PA heeft de plicht om de verantwoordelijken voor de aanvallen op te sporen en te vervolgen, maar bij dit proces moeten de mensenrechten gerespecteerd blijven. De afgelopen jaren toonden verschillende rapporten aan dat Hamas-gevangenen veelvuldig worden gemarteld en mishandeld door de veiligheidsdiensten van de PA.
Na de twee aanvallen voerden Israëlische burgers uit illegale nederzettingen rond Nablus, Jericho en Hebron vergeldingsaanvallen uit op Palestijnse burgers en hun eigendommen. Amnesty veroordeelt deze aanvallen en dringt er bij de Israëlische autoriteiten op aan om dergelijke aanvallen tegen Palestijnse burgers in de toekomst te voorkomen.









