Het nakende geldtekort voor UN Women

Het nakende geldtekort voor UN Women

Auteur: 
Themateam Vrouwenrechten - Nai Han Lau
Logo UN Women

Hoewel de nieuwste telg in de familie van de Verenigde Naties nog maar net in zijn kinderschoenen staat, krijgt UN Women nu reeds te kampen met financiële groeipijnen.

De aandacht voor vrouwenkwesties was binnen de Verenigde Naties niet nieuw, maar in juli 2010 werd besloten om de versnippering van verschillende VN-divisies tegen te gaan en een aparte entiteit op te richten die uitsluitend werkt rond genderthema’s. De nieuwe organisatie wordt geleid door uitvoerend directeur Michelle Bachelet, de voormalige president van Chili (2006-2010) met een sterke achtergrond inzake gendergelijkheid.

te laag startbudget

Voor de totale uitwerking van dit programma stelde de VN-secretaris-generaal Ban Ki-Moon een jaarbudget van 500 miljoen USD voorop. Dit is in tijden van financiële malaise zeker geen kleine som, maar er was dan ook veel werk aan de winkel om de zes kernthema’s grondig uit te werken (respectievelijk geweld tegen vrouwen, vrede en veiligheid, leiderschap en participatie, nationale planning en budgettering, economische versterking en Milleniumdoelstellingen). En toch behoeft de relatieve grootte van dit budget een kleine nuancering. Want volgens sommigen zoals Stephen Lewis (voormalig adjunct-directeur van Unicef) was zelfs het startbudget van 500 miljoen USD al “belachelijk laag” en dus onvoldoende om fundamentele veranderingen teweeg te brengen.

beloofde bilaterale hulp blijft uit

Nog geen half jaar later meldden verschillende berichten dat de uitvoering en opvolging van deze ambitieuze plannen dreigden in gevaar te komen. Een klein voorbeeld: in aanloop naar de officiële inrichting in februari 2011, werd er door verschillende bilaterale donoren financiële steun beloofd. De vijf grootste bilaterale donoren (Spanje, Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, Canada en Australië) beloofden daarbij tezamen ruim 80 miljoen USD. De gemaakte beloftes zijn echter niet volledig nagekomen. Van de beloofde 80 miljoen USD bilaterale steun van de vijf genoemde landen heeft UN Women in 2011 slechts 27,6 miljoen USD mogen ontvangen. Dit grote contrast geldt ook voor de totaalsom van beloofde bilaterale hulp (57,972,851 USD ten opzichte van 131,386,226 USD).

Hoewel bilaterale hulp uiteraard niet de enige bron van inkomsten is, plaatst dit wel vraagtekens bij het engagement van afzonderlijke landen. En dit geldt niet enkel voor landen zoals Pakistan waar vrouwenrechten altijd moeilijk bespreekbaar zijn geweest. Ook bij het Verenigd Koninkrijk, één van de grootste voortrekkers in de oprichting van UN Women, duurde het meer dan een half jaar voor de regering effectief geld op tafel legde.

gendergelijkheid noodzakelijk

De implicaties van deze cijfers spreken voor zich. Het feit dat UN Women haar werkingsbudget al heeft moeten terugschroeven naar 250 miljoen USD is één van de spijtige gevolgen. Uiteraard blijft de organisatie niet bij de pakken zitten maar financiële onzekerheid brengt wel de duurzaamheid van de vooropgestelde programma’s op lange termijn in gevaar. En dit net op het moment waarop men begint in te zien dat gendergelijkheid een van de meest beloftevolle motoren zal zijn voor economische ontwikkeling in ontwikkelingslanden (zie onder meer World Bank, 2012). Hopelijk zien alle betrokken partijen op tijd in dat gendergelijkheid een noodzakelijke vereiste is voor elke rechtvaardige samenleving. En op dit grondrecht mag men geen prijs plakken.

Bronnen

  • World Bank (2012). World Development Report on Gender Equality and Development (te downloaden via World Bank)
  • UN-WOMEN (2011). Core Contributions and Pledges to UN Women (zie UN Women)

Verwante berichten en acties: 
hier niet op duwen