Iran: executiegolf voor drugsdelicten moet stoppen
Het aantal executies voor drugsdelicten in Iran is dit jaar enorm toegenomen. Dit stelt Amnesty International vandaag in een nieuw rapport.
In het rapport Addicted to Death: Executions for Drug Offences in Iran becijfert Amnesty dat in 2011 al minstens 488 mensen werden geëxecuteerd voor vermeende drugsdelicten. Dat is drie maal meer dan in 2009. Toen registreerde Amnesty minstens 166 executies voor gelijkaardige feiten.
In totaal werden het afgelopen jaar, volgens officiële en officieuze bronnen, in Iran minstens 600 mensen ter dood gebracht. Ongeveer 80 percent van het totale aantal executies is voor drugsfeiten. Amnesty roept de Iraanse autoriteiten op om de doodstraf voor drugsmisdaden af te schaffen als eerste stap naar volledige afschaffing van deze gruwelijke en mensonwaardige straf.
Excuties als oplossing
"Iran tracht haar immense drugsproblemen op te lossen met executies, maar er is geen enkel bewijs dat de doodstraf een beter middel is om drugssmokkel te voorkomen dan een gevangenisstraf. Iran past al decennialang de doodstraf toe voor drugsfeiten, maar de drugsproblemen worden alleen groter", zegt Lore Van Welden van Amnesty International.
Mensen die geëxecuteerd worden in Iran krijgen bovendien meestal geen eerlijk proces. Familie en advocaten van de beklaagden worden vaak erg laat of zelfs niet op de hoogte gebracht van de uitvoering van de executie. En vooral arme mensen, leden van etnische minderheden en buitenlanders lopen het risico ter dood veroordeeld te worden voor drugsdelicten.
Volgens de gegevens van Amnesty zitten er wellicht 4.000 Afghanen in de dodencel in Iran voor drugsmisdaden. Zij genieten weinig juridische bescherming. Sommige Afghanen zouden zelfs geëxecuteerd zijn zonder ooit een proces gekregen te hebben. Deze mensen moesten van het gevangenispersoneel vernemen dat hen een executie boven het hoofd hing.
Iran bekleedt wereldwijd de vierde plaats wat betreft het aantal drugsdoden: 91 doden per 1 miljoen inwoners tussen 15 en 64 jaar. Iran is ook een belangrijk transitland voor internationale drugssmokkel. De afgelopen jaren is de internationale gemeenschap het land te hulp geschoten zodat het beter weerwerk kan bieden tegen de illegale drugshandel.
Internationale steun draagt bij aan schendingen
De Europese Unie voorziet 9,5 miljoen euro gedurende drie jaar voor een project in Iran om de regionale samenwerking rond drugsbestrijding te versterken. Het UN Office for Drugs and Crime (UNODC) heeft sinds 2005 22 miljoen US dollar geïnvesteerd in de opleiding van Iraanse antidrugsbrigades. België, Frankrijk, Ierland en Japan hebben in het recente verleden een project met drugshonden van UNODC gefinancierd.
Het VN-drugsprogramma wordt verondersteld aandacht te besteden aan de hervorming van het Iraanse rechtssysteem. Maar bij een officieel bezoek aan Iran in juli 2011 prees de directeur van UNODC het antidrugsbeleid van Iran zonder zijn bezorgdheid te uiten over het gebruik van de doodstraf voor drugsmisdrijven.
"Alle landen en internationale organisaties die Iran helpen om te strijden tegen illegale drugshandel, moeten erover waken dat hun steun niet bijdraagt aan mensenrechtenschendingen en moeten er bij de Iraanse overheid op aandringen om de doodstraf voor drugsdelicten onmiddellijk af te schaffen", besluit Lore Van Welden.





