Medische hulpverleners gemarteld en gedood in Syrië
De ontdekking van de verkoolde en verminkte lichamen van drie jonge medische hulpverleners een week na hun arrestatie in de Syrische stad Aleppo toont eens te meer dat de Syrische regering een 'onbeschrijfelijk gebrek aan respect heeft voor de rol van medische hulpverleners', aldus Amnesty International.
De mannen studeerden alle drie aan de Universiteit van Aleppo. Basel Aslan en Mus'ab Barad waren vierdejaars studenten geneeskunde en Hazem Batikh was een tweedejaars student Engelse literatuur en een EHBO-hulpverlener. Ze maakten deel uit van een team van artsen, verpleegkundigen en EHBO'ers die levensreddende behandelingen uitvoeren op gewonde demonstranten. Deze behandelingen worden uitgevoerd in geïmproviseerde veldhospitalen omdat slachtoffers niet in staatsziekenhuizen behandeld willen worden. Ze zijn bang te worden gearresteerd, gemarteld of zelfs gedood.
De drie mannen werden sinds hun arrestatie op 17 juni in Aleppo vastgehouden door de inlichtingendienst van de luchtmacht.
Zwaar verminkt
In de vroege ochtend van 24 juni werden de drie verbrande lichamen gevonden in een uitgebrande auto aan de rand van Aleppo. Medisch personeel dat de lichamen in het lijkenhuis heeft gezien vertelde Amnesty International dat Basel Aslan een schotwond door het hoofd had en dat zijn handen waren vastgebonden achter zijn rug. Een been en een arm waren gebroken, meerdere tanden ontbraken en van zijn onderbenen was het vlees weg zodat zijn botten blootlagen. Sommige van zijn nagels waren uitgerukt.
De lichamen van de anderen waren zwaarder verbrand en waren ook verminkt. Amnesty International heeft de beelden van de lijken gezien. De beelden komen overeen met de getuigenverklaringen van het medisch personeel.
Naast hun lichamen werden hun identiteits- en studentenkaarten gevonden. Die waren daar blijkbaar achtergelaten nadat de lichamen waren verbrand. Een vierde, verkoold lichaam is nog niet geïdentificeerd.
Kort nadat de drie studenten waren gearresteerd, had een van de ouders het nummer van hun zoon gebeld. Naar verluidt had een onbekende geantwoord: "Jij weet niet hoe je je zoon moet opvoeden. Wij zullen hem wel leren hoe zich te gedragen". Vrienden hadden tijdens hun detentie vergeefs geprobeerd hun vrijlating te bekomen. Hogere officieren van de luchtmacht - die in het verleden gevangenen zouden hebben vrijgelaten in ruil voor steekpenningen - hadden hen gezegd "hen te vergeten".
Geweld steeds bruter en grootschaliger
"De brute moord op deze jonge medici bewijst opnieuw dat Syrische regeringstroepen bereid zijn om onbeschrijfelijke misdaden te begaan om iedereen met een afwijkende mening het zwijgen op te leggen", aldus Donatella Rovera van Amnesty International. Rovera keerde onlangs terug van een wekenlange onderzoeksmissie in Syrië.
Veiligheidstroepen hebben de afgelopen maanden in Aleppo steeds opnieuw met scherp geschoten op groepen vreedzame demonstranten. Demonstranten werden willekeurig gearresteerd, gefolterd of gedood. Nu er in de afgelopen weken steeds vaker grotere demonstraties plaatsvinden, wordt de reactie van de veiligheidsdiensten ook steeds bruter en grootschaliger.
medische hulpverleners zijn doelwit
Artsen en ander medisch personeel die verdacht werden van het verstrekken van eerste hulp aan demonstranten en omstanders, zijn sinds het begin van de protesten in februari 2011 het doelwit voor Syrische regeringstroepen. Amnesty International documenteerde dergelijke aanvallen in een rapport in oktober vorig jaar. Ook hebben regeringstroepen en milities in de steden en dorpen die zij aanvielen systematisch veldhospitalen en ziekenhuizen vernield en in brand gestoken.
"Artsen en eerste hulpverleners nemen enorme risico's om aan de gewonden onmiddellijk levensreddende zorg te verlenen en hen veilig te evacueren. In Syrië worden dergelijke risico's nog versterkt door een overheid die zich richt tegen het medisch personeel en die belust is op repressailles", zegt Rovera. "Degenen die verantwoordelijk zijn voor dergelijke grove mensenrechtenschendingen op het hoogste overheidsniveau, dienen te worden gewaarschuwd dat ze niet eeuwig ongestraft zullen blijven voor hun misdaden."
Doorverwijzing internationaal strafhof
Al in april 2011 concludeerde Amnesty International dat misdaden tegen de menselijkheid werden gepleegd te midden van het hardhandig optreden door de Syrische regering tegen demonstranten vanaf maart vorig jaar.
Amnesty International heeft herhaaldelijk een beroep gedaan op de VN-Veiligheidsraad om de verslechterende veiligheidssituatie door te verwijzen naar het Internationaal Strafhof en maakte duidelijk dat deze misdaden onderworpen zijn aan universele rechtspraak.
"Rusland moet ophouden de VN-Veiligheidsraad te verhinderen om doeltreffend in actie te komen om het lijden in Syrië te beëindigen", aldus Donatella Rovera. "Het belangrijkste is dat Rusland de overdracht van de situatie in Syrië aan het Internationaal Strafhof steunt."
Meer informatie
- Lees het Engelstalig persbericht Syria: Detained medics tortured and killed amid Aleppo crackdown
- Lees het blog-bericht van Donatella Rovera Verslag uit Aleppo: slachtoffers van brutale repressie in Syrië
- Lees het rapport Health Crisis: Syrian Government Targets the Wounded and Health Workers


