Servische regering moet Pride in Belgrado steunen

Servische regering moet Pride in Belgrado steunen

Belgrado Pride 2010 © Amnesty International

Amnesty International roept de autoriteiten in Servië op om volledige en publieke steun te verlenen aan de Belgrado Pride (Parada ponosa), gepland op 2 oktober 2011.

Gezien de incidenten tijdens de Pride van vorig jaar, is de steun van de Servische regering voor dit initiatief essentieel opdat de deelnemers opnieuw hun recht op vrijheid van vereniging en vrije meningsuiting kunnen uitoefenen.

Amnesty International wijst erop dat recent de minister van Binnenlandse Zaken, Ivica Dačić, zich al bezorgd toonde over de ernstige veiligheidsrisico's verbonden aan de komende Pride. De minister vroeg de steun van de regering, de president en de burgemeester van Belgrado.

Dit jaar is het de vierde keer dat de Pride is gepland in Belgrado. In 2010 moest de politie de deelnemers beschermen tegen gewelddadige tegenbetogers. Meer dan 100 mensen, voornamelijk politie-agenten, werden gewond. De schade aan eigendommen in de stad werd geschat op meer dan een miljoen euro.

In 2009 was de Pride ook gepland in september, maar toen weigerden de autoriteiten op het laatste moment de veiligheid te waarborgen, na bedreigingen van nationalistische groeperingen.

Volgens de internationale normen die Servië onderschrijft, heeft de Servische regering de plicht de vrijheid van meningsuiting en vreedzame vergadering te waarborgen, ook bij bedreiging van geweld. Bedreigingen die het recht op vrije meningsuiting en vergadering niet respecteren, komen neer op aanzetten tot discriminatie, haat of geweld tegen de organisatoren en deelnemers van de Pride. Zij zijn in strijd met de internationale wetten inzake mensenrechten.

Een demonstratie kan uiteraard irritatie opwekken of personen met andere ideeën ergeren, maar de deelnemers moeten in staat zijn om de demonstratie te houden zonder bang te moeten zijn voor fysiek geweld door andersdenkenden.

Bij het uiten van haar bezorgdheid, verwijst Amnesty International naar de "Guidelines on Freedom of Peaceful Assembly". Deze richtlijnen zijn gepubliceerd in 2007 door het Office for Democratic Institutions and Human Rights (ODIHR) van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). Zij hebben tot doel "richtlijnen te ontwerpen met het oog op het formuleren van minimumnormen waaraan moet worden voldaan door de nationale autoriteiten in de regulering van dit recht".

Amnesty International benadrukt, zowel in de context van de Pride als in het algemeen, dat de politie en gerechtelijke autoriteiten alle mensen moeten beschermen tegen geweld en discriminatie moeten stoppen. De autoriteiten hebben ook de plicht om duidelijk te maken dat geweld op basis van discriminatie een strafbaar feit is en niet zal worden getolereerd. Ambtenaren verantwoordelijk voor rechtshandhaving, dienen specifieke richtlijnen en een opleiding te krijgen over het identificeren en onderzoeken van homofobe misdrijven. Alle klachten moeten grondig worden onderzocht, overtreders moeten voor de rechtbank verschijnen en de slachtoffers moeten adequate schadeloosstelling krijgen.

Links naar andere pagina's op de site : 
hier niet op duwen