Standpunt t.o.v. wapenhandel
Amnesty International pleit voor een degelijke nationale wetgeving om de firma's en individuen die militaire en veiligheidsdiensten aanbieden aan een strikte regulering te onderwerpen.
Deze regelgeving moet eisen dat de mensenrechtensituatie in ontvangende staten in beschouwing wordt genomen alvorens beslissingen worden genomen over een transfer.
Het criterium dat Amnesty International vooropstelt is dat de transfer enkel mag doorgaan als redelijkerwijs kan aangetoond worden dat deze transfer niet zal bijdragen aan schendingen van mensenrechten.
Een hoge graad van transparantie in de transfers is noodzakelijk. Om dit te bewerkstelligen moet al de informatie die nodig is om controle uit te oefenen op de implementatie van de wet beschikbaar zijn: per transactie dienen de aard en de hoeveelheid, het land van bestemming, de kostprijs, enzovoort duidelijk vastgelegd te worden. Alle transfers van huurlingen moeten vooraf publiek bekend gemaakt worden, en er moet parlementaire controle mogelijk zijn. Amnesty International eist verder dat er rapporten opgesteld worden over de mensenrechtensituatie in de ontvangende landen en dat die rapporten openbaar gemaakt worden. Daarover moet dan discussie mogelijk zijn met, onder meer, NGO's.
De wetgeving moet niet enkel de militaire en bewakingsopdrachten van de huurlingenfirma's reguleren, maar ook het verlenen van advies en training moet aan banden gelegd worden. Deze trainingen mogen geen instructies bevatten die aanleiding geven tot mensenrechtenschendingen, maar moeten in hun praktische oefeningen het respect voor internationale mensenrechtenstandaarden en internationaal humanitair recht integreren. Hierop moet ook controle uitgevoerd worden door de regering van de zendende staat.
Parallel met het eindgebruikercertificaat bij de wapenhandel, is er ook voor de transfers van huurlingen, training en advies behoefte aan een controlemechanisme. De transfers zouden opgevolgd moeten worden door de ambassades en consulaten van het verzendende land. Daarnaast moeten onafhankelijke waarnemers het land waar de huurlingen vandaan komen op de hoogte kunnen houden. De ontvangende landen zouden verplicht moeten worden om toegang te verlenen aan onafhankelijke journalisten en afgevaardigden van erkende mensenrechtenorganisaties.
Zoals bij de wetten die de wapenhandel regelen, pleit Amnesty International ook hier voor de invoering van extraterritoriale bepalingen. De activiteiten van alle onderdanen van een bepaald land, dus ook van personen die in het buitenland activiteiten beoefenen én van alle in dat land verblijvende personen, moeten onder de wet vallen, ook als de eigenlijke transfers die tot stand gebracht worden het eigen grondgebied niet aandoen.
Tenslotte moeten de vergunningen een voorziening bevatten die ervoor zorgt dat, als de betreffende transfer misbruikt wordt voor zware schendingen van de mensenrechten, de contracten onmiddellijk nietig verklaard worden.

