Missie en visie
Amnesty International is een mensenrechtenbeweging die de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens als leidraad heeft.
De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens werd op 10 december 1948 door de Verenigde Naties aangenomen. Amnesty International vindt alle rechten van de mens even belangrijk. Niet alleen politieke en burgerlijke rechten zoals het recht te zeggen en te denken wat men wil, het recht verenigingen op te richten en te vergaderen, het recht een eigen godsdienst te kiezen, enz. Maar ook sociale en economische rechten zoals het recht op onderwijs, gezondheidszorg, eten en onderdak.
Amnesty's missie is onderzoek te verrichten, te rapporteren en op te roepen tot actie om zware mensenrechtenschendingen te stoppen en te voorkomen. Amnesty vraagt ook gerechtigheid voor al diegenen wiens rechten zijn geschonden.
Actie voor mensen(rechten) in gevaar
De activisten van Amnesty International worden gedreven door verontwaardiging over ernstige mensenrechtenschendingen en door hoop op een wereld waarin alle mensenrechten werkelijkheid zijn voor alle mensen.
Amnesty ijvert voor de vrijlating van mannen en vrouwen die vastgehouden worden, waar ook ter wereld, wegens hun overtuiging, huidskleur, geslacht, etnische of sociale afkomst, taal, geloof of filosofische overtuiging. Eén voorwaarde: ze mogen geen geweld gebruikt hebben of er toe aangezet hebben. Deze mensen, die ten onrechte opgesloten zitten, worden gewetensgevangen genoemd.
Amnesty bepleit eerlijke processen binnen een redelijke termijn voor politieke gevangenen en werkt voor politieke gevangenen die zonder aanklacht of proces gevangen zitten.
Amnesty eist de stopzetting van politieke moorden en 'verdwijningen'.
Amnesty verzet zich tegen de doodstraf, tegen foltering en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandeling of straf voor alle gevangenen zonder uitzondering.
Amnesty eist de stopzetting van een aantal andere zware schendingen, zoals bijvoorbeeld het opblazen van huizen als collectieve straf, buitensporig geweld door de overheidsdiensten, gijzelneming, aanvallen op burgers in oorlogsgebieden, de verbanning van personen vanwege hun overtuiging.
Zowel regeringen als gewapende oppositiegroeperingen worden op hun gedrag aangesproken. De laatste hebben zich weliswaar niet, zoals regeringen, door ondertekening van verdragen gebonden aan de mensenrechten, maar zijn wel gehouden aan de normen van het internationaal humanitair recht.
Onpartijdig, ongebonden en onafhankelijk
Van wezenlijk belang voor de geloofwaardigheid van Amnesty is haar onpartijdige opstelling. Amnesty voert geen actie vóór of tegen regeringen of politieke systemen. De organisatie vindt dat onder ieder systeem de rechten van de mens dienen te worden nageleefd. Amnesty is niet gebonden aan enige regering, politieke partij, ideologie, godsdienstige gezindte of aan enige economische belangengroep.
Van zeer groot belang voor Amnesty is ook haar financiële onafhankelijkheid. Amnesty accepteert geen giften of subsidies van de federale overheden. Voor het werven van fondsen zijn richtlijnen opgesteld, om te voorkomen dat Amnesty werkelijk of schijnbaar afhankelijk wordt van welke groepering dan ook. Voor haar werk is Amnesty geheel aangewezen op giften en contributies van haar leden, donateurs en sympathisanten. Amnesty accepteert geen gebonden giften. Amnesty afdelingen werken meestal niet rond individuele gevallen in eigen land; wel kunnen afdelingen bij hun regering aandringen op de ondertekening van internationale mensenrechtenverdragen, op versterking van de mensenrechtencomponent in het buitenlands beleid, op afschaffing van de doodstraf of op verbetering van de asielwetgeving.
De kleur van de vrijheid
Eerlijk gezegd, respect voor mensenrechten afdwingen is een werk van lange adem. Maar er worden resultaten geboekt. Sinds 1961 adopteerde of onderzocht Amnesty International meer dan 43.500 gevallen van schendingen van mensenrechten. Van deze gevallen zijn er nu 40.750 afgesloten; in veel gevallen betekent dit dat die mensen zijn vrijgelaten.
Vaak is het zelfs niet mogelijk om aan te tonen welke resultaten precies geboekt worden. Heel belangrijk is trouwens de - niet meetbare - preventieve functie van acties. Ook al komt een gewetensgevangene niet vrij, ook al is het te laat voor een slachtoffer van een politieke moord, toch hebben de acties van Amnesty zin. Veel autoriteiten zouden immers liefst hebben dat er geen haan kraait naar schendingen van mensenrechten. En dat was ook vaak zo vóór Amnesty ontstond. Maar vandaag is het tegendeel waar. Meer dan duizend plaatselijke organisaties over heel de wereld werken nu voor de verdediging van fundamentele mensenrechten. Onder andere vrouwen, zoals de Moeders van de Plaza de Mayo (Argentinië), zijn dikwijls heel actief in plaatselijke mensenrechtenorganisaties. Nieuwsmedia besteden bijna dagelijks aandacht aan mensenrechtenkwesties. Steeds meer landen sluiten zich aan bij internationale mensenrechtenverdragen. Eind 1993 stelden de Verenigde Naties een Hoge Commissaris voor de Mensenrechten aan. Dit gebeurde pas nadat Amnesty en andere organisaties hiervoor een jaar lang actie voerden.

